U bevindt zich hier:

Crises en rampen

Begrippen

1.

Wat is een ramp?

2.

Wat is een crisis?

3.

Wat is een incident?

4.

Wat is een drinkwaterincident?

5.

Wat is een kernongeval?

6.

Wat is een milieuongeval?

7.

Wat is op- en afschalen?

8.

Wat is het Nationaal coördinatiecentrum (NCC)?

9.

Wat is een departementaal coördinatiecentrum (DCC)?

10.

Wat is het 'Nationaal handboek crisisbesluitvorming' (NHC)?

11.

Wat is het Nationaal voorlichtingcentrum (NVC)?

1. Wat is een ramp?
Een ramp veroorzaakt een ernstige verstoring van de openbare veiligheid. Het gaat meestal om een eenmalige, korte en hevige gebeurtenis op één plek. Een ramp bedreigt of schaadt het leven of de gezondheid van veel mensen. Ook kan een ramp het milieu schaden of grote materiële schade veroorzaken. De officiële definitie van een ramp staat in artikel 1 van de Wet rampen en zware ongevallen.
Rampen vereisen bijna altijd een gecoördineerde inzet van hulpdiensten (politie, brandweer en geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen, kortweg GHOR). In de Wet rampen en zware ongevallen (Wrzo) is vastgelegd wie waarvoor verantwoordelijk is bij de bestrijding. De burgemeester is opperbevelhebber, hij is verantwoordelijk voor de bestrijding van rampen. Ook roept hij een beleidsteam bij elkaar met vertegenwoordigers van politie, brandweer en medische diensten. Afhankelijk van de ramp kunnen daarin ook anderen aanschuiven, bijvoorbeeld experts van een waterleiding- of elektriciteitsbedrijf of een regionaal inspecteur van de VROM-Inspectie.
Voorbeelden van rampen zijn de Bijlmerramp en de Vuurwerkramp. Bij de ramp in de Bijlmer op 4 oktober 1992 stortte een Israëlisch vliegtuig op een flatgebouw in Amsterdam. Het was een eenmalige, korte en hevige gebeurtenis met veel doden (43) en grote materiële schade. Ook werd de openbare veiligheid in en rond de Bijlmer ernstig verstoord. Hetzelfde geldt voor de Vuurwerkramp, waarbij op 13 mei 2000 door een explosie in een vuurwerkfabriek in Enschede zeker 21 doden vielen en 944 gewonden en bijna 400 huizen werden verwoest.

2. Wat is een crisis?
Bij een crisis gaat het meestal om een serie gebeurtenissen of rampen. Zij treft vaak een groot gebied en vraagt om een zware bestuurlijke coördinatie waarin maatregelen om de crisis te beheersen (bijvoorbeeld het afzetten of isolatie van een groot gebied, grootschalige evacuatie en noodopvang) en de voorlichting te coördineren. Een crisis tast de economie of de openbare orde ernstig aan. Of leidt, zoals het Nationaal handboek crisisbesluitvorming (NHC) vermeldt, tot 'een ernstige verstoring van de basisstructuren, dan wel aantasting van de fundamentele waarden en normen van het maatschappelijk systeem'. Het NHC is hét handboek van het Rijk voor de coördinatie van crisisbeheersing op rijksniveau. Het bevat afspraken om de besluitvorming bij crises af te stemmen.
Voorbeelden van crisis zijn de MKZ-crisis, de gevolgen van de nucleaire ramp in Tsjernobyl en, ondanks de naam, de Watersnoodramp. Bij de Watersnoodramp in 1953 braken op verschillende plekken in Zuidwest-Nederland dijken (onder andere in Kruiningen, Kortgene en Oude Tongen) door. Deze crisis legde in een groot gebied de basisstructuren van het maatschappelijk systeem plat, kostte 1835 mensen het leven, ruim 7 procent van Nederland werd er door getroffen en de materiële schade beliep bijna 700 miljoen euro. Door de ramp in Tsjernobyl in april 1986 vielen in Nederland geen slachtoffers, maar wel werd een deel van onder meer de spinazieoogst vernietigd. Daarmee had de ramp in de Sovjet-Unie in Nederland ernstige economische gevolgen. Een grote elektriciteitsstoring, een ernstige droogte of bijvoorbeeld een grote uitbraak van legionella (zoals in 1999 in Bovenkarspel) kan, ongeacht het aantal slachtoffers, als crisis worden bestempeld.

3. Wat is een incident?
Er is geen officiële definitie van een incident. Toch gebruiken rampenbestrijders het woord regelmatig. Van Dale noemt een incident 'een storend voorval'. Een incident is te omschrijven als een klein voorval dat de openbare orde in enige mate stoort. Een incident is redelijk eenvoudig en met beperkte inzet van middelen te herstellen. Een incident is minder ernstig dan een ongeval.

4. Wat is een drinkwaterincident?
Een drinkwaterincident is een (dreigende) verontreiniging van het drinkwater. Dat kan bijvoorbeeld gebeuren door verontreiniging van oppervlaktewater dat voor de drinkwatervoorziening wordt gebruikt. VROM kan bij crises en rampen waterleidingbedrijven bevelen maatregelen te nemen om de levering van het drinkwater op orde te brengen. .

5. Wat is een kernongeval?
Kernongevallen zijn ongelukken met bijvoorbeeld kerncentrales, laboratoria voor onderzoek met radionucliden en vervoer van radioactief materiaal. Er wordt onderscheid gemaakt in A- en B-objecten. A-objecten zijn onder andere kerncentrales in of vlakbij Nederland. B-objecten zijn alle overige objecten met radioactief materiaal (bijvoorbeeld nucleaire transporten, laboratoria en de opslag van radioactief afval). VROM is verantwoordelijk voor de bestrijding van rampen met A-objecten De burgemeester is hiervoor verantwoordelijk bij B-objecten. VROM kan dan de eenheid Planning en advies nucleair (EPAn) bijeen roepen. Het EPAn geeft een burgemeester een integraal advies op basis van de inbreng van bijvoorbeeld milieu-, gezondheids- en stralingsdeskundigen en de situatie in het rampgebied. .

6. Wat is een milieuongeval?
Een milieuongeval is een incident dat het milieu schaadt. Sommige milieuongevallen kunnen ernstige gevolgen hebben voor het milieu, de volksgezondheid en de veiligheid. VROM is verantwoordelijk voor het milieubeleid. Daarom heeft het ministerie ook een belangrijke taak bij milieuongevallen. VROM kan dan het beleidsondersteunend team Milieu-incidenten (BOT-mi) bijeen roepen. Dit team geeft een burgemeester of hulpdiensten een integraal advies. Dit is een advies van onder meer milieu-, gezondheids- en onder meer veiligheidsdeskundigen. .

7. Wat is op- en afschalen?
Opschalen is het overdragen van de bestuurlijke verantwoordelijkheid aan een hogere bestuurslaag. Hetzelfde geldt voor operationele diensten - brandweer of bijvoorbeeld politie - als de bevelvoering wordt overgedragen aan een hogere leidinggevende. Afschalen is het omgekeerde van opschalen.
De gemeente is verantwoordelijk voor de bestrijding van een ramp of crisis. Als de ramp of crisis meerdere gemeenten treft, kan op grond van een convenant de coördinerend bestuurder van de regio, de coördinatie op zich nemen. De commissaris der Koningin kan in bepaalde gevallen de burgemeesters aanwijzingen geven als meerdere gemeenten bij een ramp of crisis zijn betrokken. Bij het ernstige vermoeden van een terroristische aanslag neemt het Rijk de regie op zich.

8. Wat is het Nationaal coördinatiecentrum (NCC)?
Het Nationaal coördinatiecentrum (NCC) ondersteunt en huisvest het interdepartementaal beleidsteam (IBT) en ministeriële beleidsteam (MBT) bij een landelijk incident waarbij verschillende ministeries betrokken zijn. Het NCC is een volledig uitgerust centrum in het ministerie van BZK. Het verzorgt de informatie-uitwisseling met alle bestuurslagen en informeert de overheden van andere landen en internationale organisaties.
Het NCC is 24 uur per dag 7 dagen in de week bereikbaar voor bestuurders en commandanten van hulpdiensten. Op het NCC neemt het IBT of MBT de besluiten. Het NCC faciliteert het IBT en MBT; beide teams hebben in het centrum de beschikking over bijvoorbeeld pc's, telefoons en nood-communicatiesvoorzieningen. Medewerkers van het NCC stellen situatierapporten (beschrijving van de rampsituatie en het verloop van de rampbestrijding) en weekoverzichten op. Het NCC geeft de besluiten van de beleidsteams door aan betrokken bestuurders en operationele diensten. Bij een grote ramp of crises heeft het NCC regelmatig contact met de betrokken DCC's.

9. Wat is een departementaal coördinatiecentrum (DCC)?
Ieder departement heeft een departementaal coördinatiecentrum (DCC). Het DCC VROM wordt actief bij drinkwaterincidenten, kernongevallen en milieuongevallen. Het DCC VROM faciliteert de eenheid Planning en advies-nucleair (EPAn) of het beleidsondersteunend team Milieu-incidenten (BOT-mi). Ook is het DCC het informatiecentrum voor VROM-ambtenaren en bewindslieden, bijvoorbeeld over het verloop van een ongeval en de rol van VROM bij de bestrijding.

10. Wat is het 'Nationaal handboek crisisbesluitvorming' (NHC)?
Het 'Nationaal handboek crisisbesluitvorming' (NHC) beschrijft de werkafspraken, de verdeling van verantwoordelijkheden, taken en bevoegdheden bij de coördinatie van de rampenbestrijding voor het Rijk. Het wordt regelmatig geactualiseerd en door de Tweede Kamer vastgesteld.
Elk departement heeft, afgeleid van het NHC, een departementaal handboek crisisbeheersing. In die handboeken staat onder andere hoe het DCC is ingericht (hoeveel ambtenaren er werken), hoe de departementale beleidsteams zijn samengesteld, hoe burgers en de pers moeten worden voorgelicht over een crisis, hoe de besluitvorming plaatsvindt en wie welke taken en bevoegdheden heeft.

11. Wat is het Nationaal Voorlichtingcentrum (NVC)?
Het Nationaal voorlichtingscentrum (NVC) is een onderdeel van het NCC. Het ondersteunt de beleidsteams - het interdepartementaal beleidsteam (IBT) en ministeriële beleidsteam (MBT) - bij een grote ramp of crisis. Het NVC heeft speciaal opgeleide crisisvoorlichters. Deze kunnen ook gemeenten of provincies ondersteunen bij een incident van minder grote omvang. De taken zijn:

·

advies over de voorlichtingsstrategie

·

ontwikkelen, coördineren en uitvoeren van de voorlichting van de rijksoverheid

·

voorbereiden en geven van voorlichting aan de media

·

informeren van andere overheden over de voorlichtingsactiviteiten en het coördineren van voorlichting van rijksoverheid en andere bestuurslagen

·

maken en verspreiden/uitgeven van voorlichtingsproducten, zoals nieuwsbrieven, en onderhouden van een website

De directeur Voorlichting en de coördinator NVC zitten in het interdepartementale of ministeriële beleidsteam.

Bron: http://www.vrom.nl/pagina.html?id=18168#90#90